Mode & Stijl

Het overshirt is dit najaar je nieuwe colbert

· 5 min leestijd

Je colbert hangt dit najaar waarschijnlijk langer in de kast dan je lief is. Niet omdat je minder uitgaat, maar omdat er een ander kledingstuk is opgestaan dat hetzelfde werk doet met minder gedoe: het overshirt. Bij Wehkamp noemen ze het zelfs het nieuwe jasje voor mannen, en als je in Nederlandse steden om je heen kijkt, klopt dat beeld. Het is dik genoeg om als jas te dragen, netjes genoeg voor op kantoor en makkelijk genoeg voor een zaterdag met boodschappen.

Wat het overshirt zo aantrekkelijk maakt, is dat het geen compromis voelt. Je hoeft niet te kiezen tussen warm en stijlvol, of tussen casual en representabel. Hieronder lees je waarom dit item precies nu doorbreekt, welke stoffen en kleuren de moeite waard zijn, en hoe je 'm draagt zonder dat het aanvoelt als een verkleedpartij.

Wat een overshirt anders maakt dan een overhemd of jasje

Een overshirt zit qua gewicht en functie precies tussen een overhemd en een jas in. Het heeft de snit van een shirt, met een los vallende pasvorm en vaak een borstzak of twee, maar de stof is veel zwaarder. Denk aan corduroy, flanel of een stevige twill in plaats van katoenpoplin. Daardoor kun je het als buitenste laag dragen zonder dat je bibbert zodra het kwik onder de vijftien graden zakt.

Het verschil met een gewone jas zit 'm in de afwerking. Een overshirt heeft geen voering, geen kraag met revers en meestal geen echte sluiting met rits. Dat maakt het losser en minder formeel, maar wel warm genoeg voor de meeste herfstdagen. Je draagt het open over een T-shirt of dichtgeknoopt als vervanger van een trui.

Waarom deze herfst iedereen er een draagt

Het weer in september en oktober is onvoorspelbaar: 's ochtends fris, 's middags warm in de zon, 's avonds weer kil. Een overshirt lost dat probleem beter op dan een jas die je de hele dag aan- en uittrekt. Je knoopt 'm open als het warmer wordt en dicht zodra de wind opsteekt.

Daar komt bij dat mannen steeds minder zin hebben in kleding die maar één functie heeft. Een colbert kun je eigenlijk alleen met een net overhemd combineren, maar een overshirt werkt op sneakers, op een nette schoen, over een quarter-zip trui en zelfs los over een simpel wit shirt. Die veelzijdigheid is precies waarom het de blazer inhaalt als vaste waarde in de garderobe.

Deze stoffen en kleuren zijn dit seizoen goed

Corduroy, in Nederland ook wel ribfluweel genoemd, is dit seizoen overal terug te vinden. Het is een stof met een lange geschiedenis in werkkleding, waardoor hij van nature stevig en duurzaam aanvoelt (meer over de herkomst lees je op Wikipedia). Naast corduroy zie je veel wol en tweed voor structuur, en flanel voor een zachtere, informelere uitstraling.

Qua kleur domineren aardetinten: zand, beige, bruin en taupe. Die kleuren combineren makkelijk met de rest van je garderobe en ogen volwassener dan de felle kleuren van een paar jaar terug. Ruitpatronen blijven daarnaast populair, vooral in gedempte, warme tinten in plaats van een schril zwart-wit dessin.

  • Corduroy of ribfluweel voor een stevige, casual look
  • Flanel of wol voor iets zachters en formelers
  • Aardetinten als basis, ruit als accent
  • Een teddykraag als je 'm ook als jas wilt inzetten

Zo combineer je 'm voor werk en weekend

Voor een nette look draag je een overshirt in een effen kleur over een simpel shirt, met een nette broek en leren schoenen of laarzen eronder. Laat 'm dichtgeknoopt en je hebt een alternatief voor een colbert dat net zo verzorgd oogt, maar een stuk comfortabeler zit.

In het weekend werkt het andersom: open overshirt, spijkerbroek, sneakers eronder en een T-shirt of coltrui als basislaag. Juist die spanning tussen ruw materiaal en een ontspannen snit maakt het item interessant. Vermijd wel de combinatie van twee zware stoffen tegelijk, zoals een corduroy overshirt over een dikke wollen trui: dat oogt al snel te bulkig.

Onderhoud: zo blijft de stof jarenlang goed

Zware stoffen als corduroy en wol vragen iets meer aandacht dan een katoenen overhemd. Was een overshirt niet te vaak, want frequent wassen haalt de structuur uit ribfluweel en laat wol pillen. Een keer per paar weken op dertig graden, binnenstebuiten, is voor de meeste stoffen genoeg. Lucht 'm liever na een dag dragen dan dat je 'm meteen in de wasmand gooit.

Strijken doe je bij corduroy en tweed het beste met een doek ertussen, zodat je de rib- of weefstructuur niet platdrukt. Bij flanel werkt stomen vaak beter dan strijken: dat haalt kreukels eruit zonder de zachte, ietwat ruige afwerking te verpesten die het materiaal juist z'n karakter geeft.

Waarom dit de eerste aankoop is die je dit najaar doet

Een overshirt is geen modegril die je over een jaar weer wegdoet. Het is een basic die je jarenlang blijft dragen, precies omdat het zo breed inzetbaar is. Waar een trendy colbert snel gedateerd raakt, blijft een goed gesneden overshirt in een neutrale kleur gewoon werken, seizoen na seizoen.

Heb je nog geen overshirt in de kast hangen, dan is dit het moment om er eentje aan te schaffen. Begin met één stuk in een aardetint, zoals bruin of zand, en breid daarna pas uit met een ruitpatroon of tweede kleur. Zo bouw je een garderobe op die het hele najaar meegaat, zonder dat je elk seizoen opnieuw moet shoppen.

C
Geschreven door Cas Overbeek Mode schrijver

Cas werkte vijf jaar in de mode-industrie voordat hij freelance ging schrijven. Zijn kledingkast is groter dan zijn studio-appartement in Amsterdam, en hij kan je precies vertellen waarom die ene T-shirt van veertig euro beter is dan die van tien. Niet vanwege het merk, maar vanwege de stof, de pasvorm en hoe hij na twintig wasbeurten nog steeds goed zit. Hij schrijft over stijl met de overtuiging dat elke man er goed uit kan zien als hij drie basisregels volgt.